Posts Tagged ‘hygiëne’

Druppel

16 april 2011

Zolang als ik me kan herinneren knoei ik op de wc.  Ik sta op, droog af, trek door en zo gestaan – met mijn gezicht naar de pot – valt mijn oog steevast op één klein druppeltje dat zich als een tegendraadse puber op de bril heeft genesteld. Je zou zeggen dat ik inmiddels wel gewend ben geraakt aan die ongenode gast en eventjes wacht met doortrekken tot ik met een stukje wc-papier mijn gang heb kunnen gaan, maar op de een of andere manier verrast het me nog steeds. Dientengevolge ben ik altijd genoodzaakt om terwijl de spoelbak leegloopt een stukje van de rol te scheuren, het zo te vouwen dat ik niets aan mijn handen krijg, de druppel te lijf te gaan én tot slot het vervrommelde papiertje aan het laatste restje spoelwater mee te geven. Het is een hele klus dat binnen de gegeven tijd voor elkaar te krijgen, kan ik je verzekeren.

Onlangs had ik eens de tegenwoordigheid van geest wat langer uit te hangen. Trots als een pauw draaide ik me naar de pot en drukte vol-automatisch de spoelknop in toen mijn oog getrokken werd door iets glimmends op de vloer. Het was mijn druppel. Op de vloer. Nog gehaaster dan ander griste ik naar de rol en trok zo hard dat er geen velletje losliet maar een hele  stroom aan papier door de kleine ruimte vloog. Ik graaide wat bij elkaar en stootte al doende mijn knie aan de afvalbak en mijn elleboog aan de deurklink.  Het water kolkte in de pot, haast was geboden, dus voor pijn was geen tijd. Het werd een slachtveld, werkelijk.

Zo kwam ik mank en verhit uit het kleinste kamertje. Dit nooit meer, dacht ik nog, en het toiletbezoek daarop lag mijn druppel dan ook keurig op de bril. Fijn, als de dingen gewoon bij het oude blijven.

Fotoalbum

17 maart 2011

Ik heb sinds jaar en dag een Vriend. Vriend is woest aantrekkelijk en uitzonderlijk getalenteerd, natuurlijk. Vriend houdt me vast, bij de les en tevreden.

Zo kan ik op een droeve werkdag met een gerust hart rekenen op een berichtje met een foto van hem op de wc van een of andere openbare gelegenheid. Hij kijkt steevast guitig de camera in , nèt op het moment dat het breedste stuk zijn weg naar buiten baant. Ik heb al een behoorlijke verzameling van die prentjes. Ik spaar ze om ze hem uiteindelijk, als we gaan trouwen, in boekvorm cadeau te doen.

Vriend en ik, wij houden van het kleinste kamertje. We gaan er altijd samen heen en bespreken er het leven. We waarderen de grootte van elkaars legsels en we knippen ook elkaars teennagels, drukken elkaars puisten uit en ruften om het hardst. Vriend en ik zijn, zonder twijfel en zonder enig overdrijven, ontzettende viespeuken.

Kleine Zus heeft mij aanvankelijk nog gewaarschuwd; alles leuk en aardig, maar juist die viezigheid gaat je op den duur het meeste tegenstaan. Dat was een grove leugen. De oksel van Vriend, ik zou erin willen wonen. Als Vriend de hort op is, dagen in een hotel in kleinzielige stad zit of voor mij een presentje aan het kopen is – gewoon, zomaar – dan mis ik zijn geuren ontzettend. Wij stinken de toekomst in.

Deceptie

16 november 2009

Mon Cherrie doet het nog. Tot zover het goede nieuws.

Blijkbaar ben ik voordat ik vertrok vergeten het vuilnis buiten te zetten. De vuile vaat stond ook nog op het aanrecht. Googleplex fruitvliegjes vlogen me bij binnenkomst om de oren, alsof nota bene ík de indringer was. De vuilnisbak zat van binnen én van buiten onder de larfjes, hele kleine ei-gelige kokertjes met nog meer on-affe rot vliegjes erin. Getverdegetver. Ik heb heel even overwogen de strijd aan te gaan, gewapend met een stofzuiger, een bus haarlak en een aansteker. Maar het was gewoon te veel, te veel zeg ik je! Van de weeromstuit  stonden mijn jetlag en ik, totaal niet opgewassen tegen zoveel smerigheid, nog geen 5 minuten later onverrichter zaken buiten. Voorlopig logeer ik bij mijn moeder.

Nieuw voornemen: persoonlijke hygiëne opschroeven tot een aanvaardbaar peil.

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.